Malika's droom

    Malika heb ik enkele jaren geleden ontmoet. Toen ik haar wat beter leerde kennen, vertelde ze mij over haar dromen. Ik heb ze hier voor u samengevat. 
    De eerste twee dromen die Malika zich nog heel goed herinnert speelden zich ongeveer 25 jaar geleden af.

    droom 1: In deze eerste droom kreeg Malika een beeld te zien van allemaal mensen die in het zwart waren gekleed. Toen ze wat naderbij kwam, zag ze dat het haar eigen familieleden waren die rouwden. Ook haar nonkel was heel hard aan het wenen. In de rouwstoet werd een klein wit kistje meegedragen, met het stoffelijk overschot van een kind. 
    Drie dagen na de droom kreeg de familie bericht dat hun nichtje overleden was. Ze was aangereden door een wagen, en op slag dood. Haar nichtje was toen twee jaar oud.

    droom 2: Een jaar na deze eerste voorspellende droom, kreeg Malika opnieuw een rare droom voorgeschoteld. Zij liep in haar droom op een heuvel, opnieuw met al haar familie erbij. Ook deze keer werd er in de menigte een klein wit kistje meegedragen, ditmaal echter door een andere nonkel van haar. Natuurlijk was Malika heel bang dat er opnieuw iets dramatisch zou gebeuren, en ze vertelde het aan haar moeder.
    Reeds de volgende dag al kregen ze telefoon dat het vijfjarige dochtertje van haar nonkel eveneens overreden werd door een wagen.
    Dromen en slapen gaan werden uiteraard vanaf nu een zware beproeving voor Malika.

    droom 3: Enkele jaren geleden overleed een Nonkel van haar aan kanker. Deze nonkel had nooit een goede reputatie gehad bij familie en kennissen, en dus was het verdriet in de ruimere familie niet zo heel groot. 
    In haar droom was Malika aanwezig in een zeer mistige kamer, waar maar heel weinig te zien was. Plots echter kwam uit die mist de gedaante van haar overleden nonkel tevoorschijn. Hij vroeg toen aan haar: 'wil jij voor mij alstublieft aan de hele familie vragen of ze mij vergiffenis willen schenken...'

    droom 4: Een collega en vriendin van op het werk was overleden. Ze was 25 jaar oud, en had zichzelf van het leven beroofd. 
    In haar droom stond Malika op een heel grote markt, met daarop heel veel mensen aanwezig. Achter de kraampjes, diep verscholen in een donker deurgat, zag Malika plots haar vriendin staan. Ze liep op haar toe, en vroeg: 'hé, wat doe jij hier! Jij bent toch dood!' Niet aan de anderen zeggen dat je mij gezien hebt hé', zei haar vriendin. 'Niemand mag het weten.'
    Achter het donkere deurgat en vanonder de kraampjes scheen er een heel fel licht. 'Kom', zei Malika, 'Je moet niet in het donker blijven staan. Geef mij je hand, dan zal ik je naar het licht brengen.'

    droom 5: Een half jaar voor de dood van haar moeder kreeg Malika herhaaldelijk hetzelfde soort droom. 
    Ieder jaar, werd de lange tocht naar Marokko aangevat met de wagen, om de familie alginder te begroeten. Toen ze vertrokken zei haar moeder tegen haar: 'ook al ben ik hier niet meer, ik zal toch altijd bij u zijn.' Vervolgens zag zij haar moeder languit in de wagen liggen, als dood. 
    'Ze gaat dood! Ze gaat dood!, riep Malika uit. 
    Vijf maand na het begin van haar dromen is haar moeder in haar slaap overleden.

    droom 6: Malika keek naar buiten door het raam, en zag ineens dat alle mensen, samen met heel veel dieren die niet van deze planeet afkomstig leken te zijn, op de vlucht sloegen voor een enorme massa water die hen achtervolgde. Vlug ging Malika bij het raam weg, en liep naar de keuken. Maar daar voelde ze een enorme aardbeving onder haar voeten plaatsvinden.
    De volgende dag verscheen het bericht van de tsunami in het nieuws.

    droom 7: Malika liep rond in een klein stadje, met allemaal smalle straatjes en hoge huizen. Ineens stapte ze een gebouw binnen, waar ze door een deur ging, en eensklaps bevond ze zich in een gans andere wereld. De kleuren die ze zag waren heel fel. Alles leek wel extra geaccentueerd, en de aanblik was dan ook betoverend. In die wereld liepen alle mensen in lange witte kleren rond, doch ze hadden allemaal één schouder ontbloot.
    Ook de vogels in die wereld waren van een ongeziene kleurenpracht, en alsof het allemaal niets was, vloog Malika samen met de vogels mee rond in die ongekende kleurenpracht. 
    Na een tijdje besloot ze echter om terug te gaan, maar ze kon de uitgang nu niet meer vinden. Ze vond de deur niet meer waarlangs ze was binnengekomen. Na lang zoeken, en toen helemaal niets meer scheen te helpen, vloog ze ineens als vanzelf doorheen de barrière die de twee werelden gescheiden hield.

    droom 8: Deze laatste droom neemt wel een bijzondere plaats in. Het is al een tijdje geleden, toen Malika nog zonder werk was, en zij voor haar kleine kindje moest zorgen. Zij droomde toen van een lange tunnel, met intens wit licht, dat steeds dichterbij kwam. Ineens veranderde dat licht in een man met een lange witte baard, en met witte kleren aan. Die man was Jezus! 
    Jezus stond in een oude kamer, zoals je ze vroeger nog had, met overal steen op de vloer, aan de muren en zelfs de tafel was van steen. 
    Jezus had een soort van witte aura rondom hem.

    Hij sprak haar aan, en zei: 'binnenkort zal je werk vinden, en zal het goed met je gaan.'


    'Als je mij volgt, en in mij gelooft, dan zal alles in orde komen,...'

    'Dan zal alles in orde komen...!'

    'Dan zal alles in orde komen...!'


     



 

Foto's

photo photo photo photo