|
|
Wij zijn geschapen naar Gods evenbeeld
Wat een fraaie bedoening moet het daar in de hemel zijn, wanneer God
gewoon op ons mensen zou gelijken! Bibberend van de kou, zwetend in bloed en
tranen van angst, klein en onbenullig, en niet bij machte om de wereld waarin
hij verblijft te controleren! Totaal overgelaten aan zijn lot, in een
bedreigende wereld waarin de dood achter elke hoek aanwezig kan zijn, beweegt
God zich voort en doet hij zijn werk als onverbiddelijke rechter over goed en
kwaad! Het is niet te verwonderen dat wij allemaal zo bang zijn voor die God
van ons, want een God die op ons gelijkt, wat een armzalig schepsel zou dat wel
niet zijn! Met recht en rede keren wij ons dan ook allemaal af van zulk een
onbenullige God, want hij kan ons geen voldoening schenken omdat hij ook niet
méér middelen voorhanden heeft dan het lichaam dat wij aan onszelf te bieden
hebben. Maar als hij dan toch op ons zou lijken, zou God dan een blanke of
een zwarte zijn, of zou hij oosters of westers in zijn denken en handelen zijn?
Welk deel van de wereld zou dan het best beantwoorden aan het beeld dat God zelf
heeft? U merkt het wel, de manier waarop wij God interpreteren is gewoon
larie.
En nochtans komen de woorden uit de mond van degenen die het konden
weten! En dus moeten ze wel juist zijn!
Wij zijn inderdaad geschapen naar het evenbeeld van God zelve. Maar
als de stelling dat God een lichaam is of dat hij er op zijn minst op gelijkt,
niet kan opgaan, dan moet er dus duidelijk iets
verkeerd zijn aan de manier waarop wij onszelf waarnemen! God heeft ons inderdaad naar zijn evenbeeld geschapen! Maar
God is een energie van gedachten (‘God is geest’), een oneindige bron van alleen
de hoogste gedachte van liefde en vrede. En dat is precies de manier waarop God
ook ons geschapen heeft. De kenmerken die God heeft, zijn net dezelfde als
die wij hebben, wanneer wij onze aandacht alleen nog fixeren op de liefde die in
ons aanwezig is, en niet meer op een buitenwereld die we zelf gemaakt hebben
juist om ons van God af te scheiden. Alleen maar vanwege het feit dat we ons
wilden afscheiden van God, zitten we nu allemaal in afzonderlijke lichamen vast
gekluisterd. Maar voorheen, toen God ons geschapen had als dezelfde gedachte van
liefde die hij zelf is, waren wij een deel van het grote geheel en waren wij
deelachtig aan het totale bewustzijn van het universum. God heeft ons
geschapen als een onbeperkt bewustzijn van liefde, maar wij hebben onze
(gedachte)krachten verkeerd aangewend, en daardoor zijn er grote belemmeringen
ontstaan voor de liefde. Het lichaam dat we nu als het onze beschouwen is de
waarheid die we op dit moment verkiezen in plaats van die hoogste liefde.
Het lichaam heeft dus de plaats van liefde ingenomen
in ons bewustzijn, en juist van dit lichaam laten
wij ons geluk afhangen. De buitenwereld samen met al de andere lichamen erin,
allemaal met een wil verschillend van de onze, bepalen vanaf nu wat ons gelukkig
maakt, en wat niet. En iedere wil in deze wereld die we zelf geschapen hebben is
verschillend van de wil van God, omdat iedere wil voortaan alleen maar naar
zichzelf kijkt, en geen rekening meer houdt met al de anderen.
Een bewustzijn in een lichaam, van de rest van de wereld
afgezonderd, is niet het juiste beeld van God. De wereld van God verschilt juist
van de onze, omdat het fundament ervan, het uitgangspunt volledig anders is. In
onze wereld is ‘afgescheiden zijn’ het fundament, in de wereld van God wordt er
echter eerst uitgegaan van ‘eenheid’ vooraleer men verdere redeneringen
maakt. God heeft immers genoeg aan het bewustzijn zelf, en ziet geen
buitenwereld die zijn vrede kan verstoren. Hij is liefde, en hoeft daar geen
nieuwe wereld voor te maken! Alleen het bewustzijn van liefde is genoeg, en
precies dat brengt ook de hoogste ervaring van vreugde teweeg. Waarom zou God
dan op een mens willen gelijken?
Wil je je opnieuw bij God vervoegen, laat je geluk dan niet afhangen
van je werk, je huis, je familie, je mooie meubelen, je nieuwste technologische
aanwinst, de gebeurtenissen van de wereld, je oversten of de wereldleiders, het
weer…
Zoek daarentegen binnenin jezelf naar het geluk, door je alleen maar
gelukkig te verklaren zonder dat je aan een van deze dingen nog waarde hecht. En
vergeet niet dat het de belofte van God zelf is, dat je dan opnieuw zijn wereld
zult mogen aanschouwen, en dat hij je niet in de steek zal laten voor de
behoeften die we nu nog menen te hebben met ons lichaam. Je hoeft dus de wereld
van ellende niet te blijven zien, want als je de wil van God die bestaat uit
liefde voor iedereen, weer als de jouwe aanvaardt, dan zal God zelf jouw
bewustzijn weer verenigen met het zijne!
|