Allerlei

    43 Zijn leerlingen zeiden tot hem: Wie bent u dat u deze dingen tot ons zegt?
    (Hij zei:) Uit de dingen die ik tot jullie spreek, beseffen jullie niet wie ik ben. Maar jullie zijn geworden als de Judeeërs, want zij houden van de boom en haten zijn vruchten, en zij houden van de vruchten terwijl ze de boom haten.

    ‘Jullie beseffen niet wie ik ben,’ zegt Jezus. Jullie zien het niet dat je al eeuwenlang verlangt om God te ontdekken, en net nu dat ik, de zoon van God hier voor jullie sta en jullie de weg kom tonen, erkennen jullie mij niet eens!
    En de reden waarom je mij niet herkent is omdat je de dingen door elkaar hebt gegooid! Je hebt liefde met eigenbelang verward, en je hebt deze aarde nog steeds veel liever dan de hemel die je alle vrede kan brengen. Je denkt dat de hemel eruit bestaat om het hier goed te hebben, door veel materiële dingen te verzamelen. En je denkt dat jij net als iedereen, maar wel éérst jij, het recht heeft op de meeste en de beste goederen.

    Want jullie houden wel van God en de liefde, maar jullie haten het als jullie daar zelf iets moeten voor doen! De vruchten van de liefde zijn dat je onbaatzuchtig handelt voor de anderen. Maar onbaatzuchtig zijn kennen jullie niet meer! En de boom van de liefde draag je dan nog wel hoog in het vaandel, maar je handelt er niet meer naar. En dus haat je zijn vruchten, die eruit bestaan om onbaatzuchtig te zijn.
    Daarentegen wil je gerust nog wel iets doen voor de anderen, maar dan niet meer uit liefde, maar wel uit eigenbelang! Je doet alleen iets voor de anderen als je daar ook iets voor jezelf kan uithalen. Je bent dus nog wel behulpzaam voor je medemens, maar niet meer vanuit de boom van de echte liefde die je haat, maar wel uit winstbejag, de vrucht van een valse liefde.

    Of misschien houden jullie wel van God, onze vader. Maar jullie houden niet van zijn zoon, oftewel alle levende wezens in het universum. De zoon is namelijk de vrucht van de vader, en beide delen voorgoed in dezelfde kenmerken! 
    Maar jullie hebben gekozen om een wereld te maken los van de vader, en jullie hebben een eigen plan voor die wereld gemaakt. En juist omwille van dat plan van jezelf, houden jullie niet meer van de zoon, oftewel je medemens. Want nu is hij niet meer je broeder, maar een concurrent geworden voor het maken van een eigen wereld in je verbeelding.
    En soms sluiten jullie verbonden zoals het huwelijk bijvoorbeeld, of zakenpartners misschien, en dan houden jullie wel van de zoon of de vrucht. Maar ook hier is jullie ‘houden van’ te allen tijde zeer beperkt, en steeds maar bestemd voor een heel klein deeltje van de mensheid. Want zelfs in het ‘houden van’ zijn jullie voorzichtig, en stellen jullie allerlei voorwaarden en wensen voorop. Daarom houden jullie wel van de vrucht oftewel de zoon, maar alleen als je de liefde oftewel de vader mag naar je hand zetten, en je aldus de echte vader die volledige liefde is, liever verwerpt en haat.

     

    ***********************************

     

    62 Wat jullie rechterzijde doet, laat jullie linkerzijde niet beseffen wat het is.

    Wanneer wij hier in de wereld handelingen stellen, dan doen we dat steeds vanuit het fundament van onze eigen wereld die we willen opbouwen. We denken dat ons plan voor de wereld het beste is dat er bestaat, en dat het dan ook door iedereen moet gevolgd en uitgevoerd worden. 
    Maar wij hebben allemaal een ander plan!
    Daarom moeten wij noodgedwongen strijden onder elkaar, om toch een gedeelte van ons plan te kunnen realiseren. En wie ten strijde trekt, die moet wel denken dat hij gelijk heeft, en dat hij de beste is. Hoe groter het ‘ego’, met hoe meer overtuiging de strijd kan worden aangevat!
    Dit zijn de wetten van het bestaan in een wereld van afgestoten zielen, allemaal alleen op zoek naar hun eigen waarheid.

    Maar Jezus komt over God vertellen, over een wereld waar iedereen samen is, en waar er geen verschillen meer bestaan! En dus moeten er daar totaal andere wetten gelden dan deze die wij nu kennen.
    Daarom vraagt Jezus aan diegenen die de weg naar God willen aanvangen, om de weg in stilte te bewandelen. Maak geen groot misbaar, en schreeuw het niet uit hoe goed je nu wel geworden bent! 
    Want zonder dat je het weet, zit je weer gevangen in de klauwen van het ego.
    Als je linkerzijde beseft wat je rechterzijde doet, dan ga je weer vergelijken. En vergelijken is een typische bezigheid van het ego. Want voor het ego moet het ene beter zijn dan het andere, zodat het steeds kan oordelen wat hem het beste uitkomt, en zodat het een keuze kan maken tussen de twee. Het ego gelooft in het ene, door het andere te verwerpen!
    Als je linkerzijde beseft wat je rechterzijde doet, dan vergroot je ego weer ten opzichte van de anderen! Het zal dan gaan verkondigen: ‘Kijk eens hoe goed ik al geworden ben, kijk eens hoeveel verder ik al sta dan jullie!’ Maar de weg van God is er een van gelijkheid, en niet van verschil, en dus heeft het ego je te grazen, en kan je weer van voor af aan beginnen.
    Als je linkerzijde echter geen weet heeft van wat je rechterzijde doet, dan wandel je in stilte en kalmte door de wereld. Je oordeelt dan niet meer, en je wilt de wereld niet meer veranderen. Door de wereld niet meer te willen veranderen, omdat je jouw eigen plan voor die wereld opgegeven hebt, kom je tot rust, en vind je God binnenin jezelf terug. En op het ogenblik dat je geloof en je vertrouwen dan compleet is geworden, zal God door jou beginnen werken, en dan zal je geen woorden meer nodig hebben om aan de wereld te laten weten dat je het goede spoor bent gevolgd, want iedereen zal het aan jou kunnen zien, en de liefde van God zal door jou uitstralen naar iedereen waarmee je in contact komt.
    Veel reclame en luid geroep zijn dus niet nodig, want wanneer je echt God gevonden hebt, dan zal niemand er nog naast kunnen kijken.

     

    *********************************

     

    114 Simon Petrus zei tot hen: Laat Maria van ons weggaan want vrouwen zijn het leven niet waardig.
    Jezus zei: Zie, ikzelf zal haar leiden om haar mannelijk te maken opdat zij ook een levende geest kan worden gelijk jullie mannen. Want elke vrouw die zichzelf mannelijk maakt, zal het Koninkrijk binnengaan.

    Mannen en vrouwen hebben mekaar altijd al nodig gehad, maar doorheen de geschiedenis zijn de verhoudingen tussen beide partijen niet altijd evenredig verdeeld geweest. Dat zie je ook aan de uitspraak van Simon Petrus, die vanwege de vooroordelen die hij nog had, de vrouwen als minderwaardige wezens beschouwde. 
    Vanwege de kracht van het lichaam, die nodig was om in een vijandige omgeving te overleven, en omdat de vrouw de zorg voor de kinderen op zich nam, heeft de man zijn vrouw duizenden jaren lang in een ondergeschikte positie geplaatst. Hierdoor kreeg de vrouw een eerder volgzame rol toegemeten, en was zij ook voor het overgrote deel afhankelijk van de man, die voor haar in de buitenwereld op zoek ging naar voedsel en een veilig onderkomen voor het gezin. De natuur heeft dus van de man een verkenner, een vechter gemaakt, en de vrouw een zorgzame en volgzame rol toebedeeld.

    Vanwege deze toestand nu, was het voor de vrouw in de tijd van Jezus, veel moeilijker om zelf op pad te gaan, en om zelf op zoek te gaan naar de waarheid van het leven. De mannen hadden het immers op alle gebieden voor het zeggen, en de vrouwen moesten volgen wat de man hen voorlegde. Daardoor was het voor de vrouw ook niet zo evident om de raadsels van het goddelijk bestaan te doorgronden. 
    Omdat zij de man moet volgen, kan ze niet zelf op zoek gaan, en aangezien het nodig is om zelf op pad te gaan om de leiding van de Heilige Geest te kunnen ervaren, is zij voor de waarheid afgesloten zolang ze alleen maar voor haar gezin kiest.

    Het is daarom nodig dat de vrouw zich gaat ontdoen van de beperkingen die haar als vrouw werden opgelegd, en dat zij ook een mannelijke onderzoekende geest verwerft. Dit is echter iets wat niemand op eigen houtje moet aanpakken, want de Heilige Geest doet dit voor jou. Wanneer je eenmaal bereid bent om waarachtig op zoek te gaan, dan zal de Heilige Geest je ingesteldheid veranderen, zodat je ervoor openstaat om nieuwe dingen te ontdekken en je het aandurft om andere waarden te aanvaarden. 
    ’Ikzelf zal haar leiden,’ zegt Jezus. 
    En onder de leiding van Jezus zal iedere vrouw die God wenst te vinden, zo een onderzoekende geest verwerven, die nieuwsgierig en gedreven is zoals de mannelijke, om alles te weten en te kennen.
    Wat echter niet vermeld staat, is dat ook de mannelijke geest zich moet bereid verklaren om te veranderen, want na het zoeken en ontdekken, moet de mannelijke geest bereid zijn om ook volgzaam te worden, want anders kan hij God niet vinden. Kennis alleen is niet genoeg, want de kennis moet ook nog eens worden toegepast in de praktijk. Wie immers naar God wil, verklaart zich bereid om de wetten en de leefwereld van God te volgen, en moet dus ook bereid zijn om de eigen wereld vaarwel te zeggen, en te aanvaarden dat volgzaamheid en grootheid bij God veel meer opbrengt dan onze koppige opstandigheid, die het moet doen zonder liefde en totale bescherming.

     

    **************************************

     

    44 Jezus zei: Wie de Vader belastert, hem zal worden vergeven, en wie de Zoon belastert, hem zal worden vergeven. Maar wie de Heilige Geest belastert, hem zal niet worden vergeven, op aarde noch in de hemel.

    U kunt aan deze wereld heel goed merken dat wij op dit moment van het goddelijke bewustzijn niet veel meer weten, want de wereld die wij aanschouwen is daar ver van verwijderd. Wij hebben dus voor een ander bewustzijn gekozen dan dat van God! Maar omdat ieder bewustzijn anders dan de hoogste liefde, alleen maar iets minder kan zijn, moeten wij het stellen zonder de gewaarwording van die hoogste liefde en zijn bescherming. De dwaling van onze gedachtewereld heeft dus een andere zijnstoestand tot stand gebracht dan die van God. 
    Maar God kent zijn wetten en zijn wereld, en Hij zou God niet zijn als hij niet een antwoord had gehad voor deze gedachtedwaling van ons. Dat antwoord vinden we terug in de vorm van de Heilige Geest. Hij is de bemiddelaar tussen de twee werelden. Hij is het die zowel onze wereld kan zien, als die van God. En hij is het dus ook die ons kan terugbrengen naar huis!
    God kan in onze wereld niet rechtstreeks tussenbeide komen, omdat Hij anders Zijn goddelijkheid zou verliezen. God is zeker van zijn gedachten en zijn wereld, en Hij zal dan ook nooit kiezen voor iets minder. Wij hebben dat juist wel gedaan! Maar God kan een mindere wereld niet erkennen, en dus heeft hij Zijn helper, de Heilige Geest.
    Het één zijn is een toestand die ontstaat wanneer iedereen weer dezelfde gedachten als waar en als de zijne beschouwt, en als die gedachten zó zijn dat iedereen er ook wel bij vaart. Dit kan alleen tot stand komen in de gedachten van het hoogste.

    Wanneer wij dan vanuit onze wereld van kommer en kwel de vader zouden belasteren, dan geeft dat helemaal niet, want God hoort het gewoon niet! God kan alleen maar liefde zien, en Hij ziet dus achter jouw gevloek onmiddellijk je eigen drang naar de liefde die je mist, in een wereld die je vanwege een misverstand als jouw werkelijkheid hebt uitgekozen. God kan gewoonweg geen kwaad zien, want liefde is Zijn enige natuur!

    Wie dan de zoon belastert... 
    Tja, de zoon dat zijn wijzelf! Wij zijn geschapen als een gedachte van liefde, en door geen liefde te zijn belasteren we natuurlijk onmiddellijk onszelf, want we ontkennen dan onze ware identiteit. Jezelf belasteren is natuurlijk niet slim, maar het is zeker geen onvergeeflijke fout. Je zou het veeleer een vergissing kunnen noemen die gepleegd wordt uit onwetendheid over onze werkelijke oorsprong.

    De Heilige Geest belasteren, dat is dan weer een ander paar mouwen. Maar wat kan er nu een ‘fout’ tegen de Heilige Geest zijn?
    God wil ons weg krijgen uit deze wereld van uitsluiting! Hij wil ons bewustzijn terug zien opbloeien in zijn wereld van liefde!
    Het is daarom de taak van de Heilige Geest om ons weg te leiden van deze aarde, rechtstreeks de hemel binnen. Wie dus de Heilige Geest verhindert om zijn taak uit te oefenen, en de anderen aanzet in woord en gebaar om deze wereld tot werkelijkheid te behouden, gaat onmiddellijk lijnrecht in tegen de bedoeling van de Heilige Geest! 
    Hebben we dat allemaal al niet zoveel keren gedaan? Zonder dat we het zelf beseften weliswaar.
    Deze vergissing, dat onze aarde hier een betere plek moet worden, en dat we ervoor moeten strijden om ze te behouden, is de enige vergissing die je tegenover de Heilige Geest kan maken. Hij wil je hier weg, en jij zet jezelf en de anderen juist aan om te blijven. 
    Maar hierdoor handel je in feite lijnrecht tegenover je eigen identiteit, want jij bent geen lichaam, en je hoort niet thuis in de materie. Omdat je er echter zelf geloof aan hebt gehecht, aan die valse wereld van ons, kan je niet anders dan zijn wetten te volgen, en die wetten bepalen dat je niet anders kan in onze wereld dan schuldig zijn. 
    En daarom zal je er zelf voor kiezen om die schuld weer uit te leven in een volgend leven. De gevolgen van al je vergissingen in een zelfgemaakte fantasiewereld zal je dus moeten ondergaan door opnieuw te incarneren, omdat je zelf geloofd hebt dat die wereld de echte realiteit is. 
    Wie de Heilige Geest tegenwerkt (wij allemaal dus) vindt geen vergeving of genade, omdat hij daar niet zelf voor gekozen heeft, vanwege het feit dat hij gelooft in een wereld van schuld, en omdat hij blijft geloven dat juist die wereld een oplossing kan bieden. Vergeving en genade zijn alleen belangrijk voor degenen die de wereld van God willen leren kennen, en dat is juist wat jij verworpen hebt door in de materie, en daardoor ook in schuld, te blijven geloven.
    Wie de Heilige Geest belastert straft dus gewoon zichzelf, en kan van God geen genade ontvangen, omdat hij dat zelf niet wil.

     

    ************************************

     

    85 Jezus zei: Adam is voortgekomen uit een grote kracht en een grote rijkdom en hij werd jullie niet waardig. Want als hij waardig was geweest, zou hij de dood niet hebben gesmaakt.

    We kennen allemaal het verhaal van Adam en Eva, de eerste mensen op aarde. Eva beet in de verboden appel, en sleurde ons daardoor allemaal mee, ver weg uit het goddelijke paradijs verwijderd.
    Uit deze woorden van Jezus, kunnen we toch iets heel merkwaardigs opmaken. Het staat er niet zo heel letterlijk in, maar wie al enige kennis bezit, kan het toch terugvinden. Er staat namelijk in de tekst dat Adam ons niet waardig was! 
    Voor God is iedereen evenveel waard, en dus is het onmogelijk dat Adam minder waard zou zijn geweest dan wij.
    Adam werd jullie niet waardig, zegt Jezus, want jullie zijn thans in staat om een toestand te bereiken dat jullie de dood niet meer hoeven ondergaan. Als jullie de echte God weten te vinden, en hem volgen, dan zullen jullie nooit meer de dood hoeven te proeven, en zullen jullie weer in het paradijs zijn bij God, onze vader. Die mogelijkheid is volledig in jullie aanwezig, zegt Jezus!
    Maar Adam heeft de dood wel gesmaakt, en daardoor werd hij jullie niet waardig. Nochtans kan niemand meer of minder waard zijn dan een ander voor God, en dus blijft er alleen maar de mogelijkheid over dat Adam een soort van verzonnen figuur is, een symbool dat niet staat voor een mens, maar voor het totale bewustzijn dat zich van God heeft losgetrokken. 
    Want dat bewustzijn, wij allemaal dus, kwam voort uit een formidabele kracht en een oneindige rijkdom. En toen het zich lostrok van zijn schepper, werd het God onwaardig in zijn bedoelingen, maar nooit in de werkelijkheid. Je kan je immers nooit volledig lostrekken van God! Hij heeft je zo geschapen dat het onmogelijk is om hem voor altijd te vergeten! En dus is ook de kracht in jou aanwezig om terug te keren, en je bewustzijn weer op hem te richten, zodat jij je van je echte waarde bewust wordt, en hem dus weer waardig kunt zijn. Op dit moment zijn wij God alleen maar onbewust waardig, want wij weten het zelf niet dat wij hem waard zijn. Wij hebben andere gedachten gekozen om onze wereld te maken dan deze die in de hemel gangbaar zijn, en daardoor geloven wij ook in een totaal andere werkelijkheid. Wij vereenzelvigen ons op dit moment immers met een droomfiguur die we in onze gedachten gecreëerd hebben, maar weten niet dat we op ditzelfde ogenblik nog steeds bij God aanwezig zijn, doch niet meer met onze volledige aandacht. Maar God weet dat wel, en heeft het onthouden voor jou. Hij wacht daarom tot jij het ook weer wilt zien!



 

Foto's

photo photo photo photo