God strijdt niet

    Wij geloven dat God straft, 
    en strijd levert met het kwade.
    Maar God is niets anders dan liefde,
    hoe kan liefde dan strijden
    zonder haar identiteit te verliezen?

     

    57  Jezus zei: Het Koninkrijk van de Vader is als een man die goed had gezaaid. Zijn vijand kwam in de nacht, hij zaaide onkruid over het goede zaad. De man stond zijn werkers niet toe het onkruid uit te trekken. Hij zei tot hen: Als jullie uitgaan om het onkruid uit te trekken, trekken jullie het graan er mee uit. Want op de dag van de oogst zal het onkruid zichtbaar zijn; men zal het uittrekken en verbranden.

    65  Hij zei: Een rechtvaardig man had een wijngaard. Hij gaf hem aan pachters opdat zij erin zouden werken en hij de vruchten uit hun hand kon ontvangen. Hij zond zijn dienaar opdat de pachters hem de vruchten van de wijngaard zouden geven. Zij grepen de dienaar en sloegen hem en het scheelde niet veel of ze hadden hem gedood. De dienaar ging heen en bracht verslag uit aan zijn heer. De heer sprak: Misschien kende hij hen niet. Hij zond een andere dienaar. De pachters sloegen ook hem. Toen zond de heer zijn zoon. Hij zei: Misschien zullen ze mijn zoon ontzien. De pachters die daar waren grepen hem en doodden hem omdat zij wisten dat hij de erfgenaam van de wijngaard was. Wie oren heeft, laat hem luisteren.

    98  Jezus zei: Het Koninkrijk van de Vader is vergelijkbaar met een man die een machtig man wilde doden. Hij trok het zwaard in zijn huis en dreef het in de muur opdat hij zou beseffen dat zijn hand sterk zou zijn. Naar binnen toe doodde hij toen de machtige.

    Deze laatste uitspraak van Jezus is weer een mooie. Je kan ze immers bijna niet verklaren, zonder een besef te hebben van de waarheid die achter Jezus' woorden verscholen ligt. 
    Het Koninkrijk is vergelijkbaar met een eenvoudig man, die een heel machtig man voorgoed wou laten verdwijnen. De eenvoudige man, die hier staat voor de wereld van God, trok het zwaard in eigen huis, en dreef het in de muur zodat hij zou beseffen dat zijn hand sterk genoeg zou zijn. God valt dus de wereld van het kwade niet aan, maar Hij keek gewoon naar zichzelf, en zag dat Hij sterk genoeg was om gelijk welke wereld buiten hem te verslaan. Hij gaat daarvoor de confrontatie met die wereld niet aan, maar Hij wacht gewoon af. Door het zwaard bij hem thuis in de muur te drijven (dit is beeldspraak) wist God dat Zijn wereld niet kon overwonnen worden door gelijk welke andere wereld. Zijn wereld is de hoogste bestaanstoestand! God rust dus in de zekerheid dat geen enkele wereld die gemaakt wordt buiten de Zijne, sterker kan zijn dan Hem. Zijn wereld is onfeilbaar, en om het even wie of wat, kan niet anders dan vroeg of laat dit inzien, en met hangende pootjes terugkeren naar de plaats waar het nu eenmaal het beste is om te vertoeven. 
    God heeft eenvoudigweg door de aard van Zijn wereld, de wereld van ‘het kwade’ naar binnen toe gedood, zonder hem aan te vallen, nog voor hij ontstaan was! En Hij hoefde daarvoor het kwade niet eens rekenschap te vragen, doch slechts gewoon af te wachten tot het kwade zichzelf zou vernietigen. Want iedere wereld, minder dan een wereld van de hoogste liefde, kan alleen een wereld van strijd zijn. En onderlinge strijd kan je dan wel een tijdje volhouden, maar het zal je uiteindelijk ook weer doen verlangen naar een duurzame vrede, ver weg van ieder conflict. 
    De zo machtige wereld van uitsluiting, kan dus niet anders dan door zijn eigen aard te zorgen voor een evolutie, die automatisch weer naar de liefde leidt. En dus hoeft God niet eens te strijden, noch aan te vallen, maar slechts af te wachten tot het bewustzijn weer wil terugkeren daar waar het thuishoort.

    Want God had inderdaad een wijngaard. Het was de wijngaard van de volledig vrije wil en de onbegrensde gedachtekracht. En Hij liet de pachters toe om van die wijngaard naar goeddunken gebruik te maken. Maar toen Hij de oogst van de wijngaard wilde verzamelen, moest Hij vaststellen dat ze de wijngaard hadden gebruikt om er andere dingen in te kweken. Het was niet meer de liefde die de wijngaard had voortgebracht, maar haat en vernieling. En God zond zijn dienaren uit om de pachters eraan te herinneren dat liefde de beste vrucht van de wijngaard moest zijn.
    De pachters (wij allemaal dus) hadden hier geen oren naar, en wilden verder kweken waar ze mee bezig waren. En dus doodden ze iedereen die hen daaraan kwam herinneren. Tot zelfs de zoon van de eigenaar van de wijngaard aan toe. 
    Weinigen zijn immers bereid om te luisteren naar wat de beste vrucht van de wijngaard kan zijn. Iedereen wil dat de wijngaard de vrucht opbrengt die hem persoonlijk het meeste dient, en zorgt daardoor dat de anderen van de wijngaard niet kunnen meegenieten. Maar dat was niet de bedoeling van de eigenaar, toen hij de wijngaard in pacht gaf. Hij wou immers dat iedereen van de vrucht kon genieten, en dat iedereen evenveel had.

    Naast de wereld van God, werd er dus ook een denkbeeldige andere wereld geschapen, en werd het goede zaad van Gods wereld overgroeid door het zaad van het onkruid uit de denkbeeldige wereld van uitsluiting.
    Maar het is echter niet nodig om het onkruid uit te trekken, want het is immers maar denkbeeldig, en niet opgewassen tegen de echte realiteit. Op de dag van de oogst zal het duidelijk zijn wat er onkruid is, en wat het goede graan is, en de scheiding tussen de twee zal vanzelf plaatsvinden. Dit laatste zinnetje moeten we niet al te letterlijk opnemen, want dan zou het een andere betekenis dan ‘liefde’ kunnen krijgen. Denk dus niet dat er een dag des oordeels komt, waarbij de enen in het hellevuur zullen gestort worden, en de anderen in de hemel zullen verheven worden, want dat zou een interpretatie geheel tegen de aard van liefde zijn.
    Er zal inderdaad een dag van de oogst komen, en in de bijbel vinden we er verwijzingen naar. De Apocalyps of de openbaring is daar een goed voorbeeld van. Denk echter niet dat dit een dag van wraak en verdoeming zal zijn, want de dag van de oogst, is gewoon de dag dat er aan deze wereld genoeg gedachtekracht onttrokken is, zodat ook zij die God op dat moment nog niet gevonden hebben, een openbaring zouden krijgen van wat de echte wereld van liefde bij God inhoudt. En op die dag, zal het inderdaad duidelijk zijn dat onze wereld maar een schijntje is vergeleken bij die van God, en zal men inzien dat kiezen voor een bewustzijn in de toestand van onkruid, een erbarmelijke toestand is voor de geest, en zal de keuze voor het bewustzijn van het goede graan evident en duidelijk zijn voor iedereen.
    De dag van de oogst, of de Apocalyps, is dus gewoon de dag dat God zijn wereld opnieuw zal openbaren aan iedereen, waardoor het heelal zoals we het nu kennen voorgoed zal verdwijnen, en voor iedereen en altijd zal overgaan in de toestand van de hemel. Er wordt dus niets vernietigd op de dag van de oogst, maar de hel van deze wereld wordt wel voorgoed getransformeerd in de realiteit van de hemel.

     

    In onze religieuze boeken staat altijd 
    dat ‘gij’ er hoort naar te streven 
    de aanwijzingen te volgen.
    Er staat niet 
    dat ‘de anderen’ dat moeten doen!
    Die anderen’ 
    zijn er alleen maar,
    opdat ‘gij’ de kans zou krijgen,
    hen hun zonden te vergeven

     



 

Foto's

photo photo photo photo