Aan zij die liefde hebben,
zal nog meer liefde worden gegeven. Van zij die helemaal niets, of heel
weinig liefde hebben, zal zelfs het kleine beetje dat ze hebben nog worden
ontnomen.
Dit
is de wet van het bewustzijn in de hemel der gedachten: 'wat je uitzendt,
komt naar jou terug!'
Dit
is de wet van het bewustzijn in reïncarnatie met materie: 'wat je neemt heb
je, maar je zal ervoor moeten vechten, wat je weggeeft ben je kwijt.'
Ik heb getracht om u in deze site een zo volledig
mogelijk beeld te geven van het leven dat wij hier denken te leiden. Ik heb
geprobeerd om dit in eenvoudige bewoordingen te doen, zodat ook de gewone mens,
zoals ik er een ben, het kan begrijpen.
Weet dat ik slechts een richting heb aangegeven, en dat
ik niet beweer dat dit de enige weg en de volledige waarheid is. Maar dat
het deze richting uitgaat, dat is zeker! U doet er goed aan om mij helemaal
niet te geloven, maar alles wat ik zeg volledig in twijfel te trekken!
Controleer alles aan de hand van uw eigen ervaringen in het leven, want dat is
de beste manier om je eigen zoektocht op gang te brengen.
We bereiken nu stilaan ook het einde van
deze site, en hoe kan ik dit alles beter afsluiten dan
met
Malika's droom:
Malika heb ik enkele jaren geleden ontmoet. Toen ik haar
wat beter leerde kennen, vertelde ze mij over haar dromen. Ik heb ze hier voor u
samengevat. De eerste twee dromen die Malika zich nog heel goed herinnert
speelden zich ongeveer 25 jaar geleden af.
droom 1: In deze
eerste droom kreeg Malika een beeld te zien van allemaal mensen die in het zwart
waren gekleed. Toen ze wat naderbij kwam, zag ze dat het haar eigen familieleden
waren die rouwden. Ook haar nonkel was heel hard aan het wenen. In de rouwstoet
werd een klein wit kistje meegedragen, met het stoffelijk overschot van een
kind. Drie dagen na de droom kreeg de familie bericht dat hun nichtje
overleden was. Ze was aangereden door een wagen, en op slag dood. Haar nichtje
was toen twee jaar oud.
droom 2: Een jaar na
deze eerste voorspellende droom, kreeg Malika opnieuw een rare droom
voorgeschoteld. Zij liep in haar droom op een heuvel, opnieuw met al haar
familie erbij. Ook deze keer werd er in de menigte een klein wit kistje
meegedragen, ditmaal echter door een andere nonkel van haar. Natuurlijk was
Malika heel bang dat er opnieuw iets dramatisch zou gebeuren, en ze vertelde het
aan haar moeder. Reeds de volgende dag al kregen ze telefoon dat het
vijfjarige dochtertje van haar nonkel eveneens overreden werd door een
wagen. Dromen en slapen gaan werden uiteraard vanaf nu een zware beproeving
voor Malika.
droom 3: Enkele jaren
geleden overleed een Nonkel van haar aan kanker. Deze nonkel had nooit een goede
reputatie gehad bij familie en kennissen, en dus was het verdriet in de ruimere
familie niet zo heel groot. In haar droom was Malika aanwezig in een zeer
mistige kamer, waar maar heel weinig te zien was. Plots echter kwam uit die mist
de gedaante van haar overleden nonkel tevoorschijn. Hij vroeg toen aan haar:
'wil jij voor mij alstublieft aan de hele familie vragen of ze mij vergiffenis
willen schenken...'
droom 4: Een collega
en vriendin van op het werk was overleden. Ze was 25 jaar oud, en had zichzelf
van het leven beroofd. In haar droom stond Malika op een heel grote markt,
met daarop heel veel mensen aanwezig. Achter de kraampjes, diep verscholen in
een donker deurgat, zag Malika plots haar vriendin staan. Ze liep op haar toe,
en vroeg: 'hé, wat doe jij hier! Jij bent toch dood!' Niet aan de anderen zeggen
dat je mij gezien hebt hé', zei haar vriendin. 'Niemand mag het
weten.' Achter het donkere deurgat en vanonder de kraampjes scheen er een
heel fel licht. 'Kom', zei Malika, 'Je moet niet in het donker blijven staan.
Geef mij je hand, dan zal ik je naar het licht brengen.'
droom 5: Een half jaar
voor de dood van haar moeder kreeg Malika herhaaldelijk hetzelfde soort droom.
Ieder jaar, werd de lange tocht naar Marokko aangevat met de wagen, om de
familie alginder te begroeten. Toen ze vertrokken zei haar moeder tegen haar:
'ook al ben ik hier niet meer, ik zal toch altijd bij u zijn.' Vervolgens zag
zij haar moeder languit in de wagen liggen, als dood. 'Ze gaat dood! Ze gaat
dood!, riep Malika uit. Vijf maand na het begin van haar dromen is haar
moeder in haar slaap overleden.
droom 6: Malika keek
naar buiten door het raam, en zag ineens dat alle mensen, samen met heel veel
dieren die niet van deze planeet afkomstig leken te zijn, op de vlucht sloegen
voor een enorme massa water die hen achtervolgde. Vlug ging Malika bij het raam
weg, en liep naar de keuken. Maar daar voelde ze een enorme aardbeving onder
haar voeten plaatsvinden. De volgende dag verscheen het bericht van de
tsunami in het nieuws.
droom 7: Malika liep
rond in een klein stadje, met allemaal smalle straatjes en hoge huizen. Ineens
stapte ze een gebouw binnen, waar ze door een deur ging, en eensklaps bevond ze
zich in een gans andere wereld. De kleuren die ze zag waren heel fel. Alles leek
wel extra geaccentueerd, en de aanblik was dan ook betoverend. In die wereld
liepen alle mensen in lange witte kleren rond, doch ze hadden allemaal één
schouder ontbloot. Ook de vogels in die wereld waren van een ongeziene
kleurenpracht, en alsof het allemaal niets was, vloog Malika samen met de vogels
mee rond in die ongekende kleurenpracht. Na een tijdje besloot ze echter om
terug te gaan, maar ze kon de uitgang nu niet meer vinden. Ze vond de deur niet
meer waarlangs ze was binnengekomen. Na lang zoeken, en toen helemaal niets meer
scheen te helpen, vloog ze ineens als vanzelf doorheen de barrière die de twee
werelden gescheiden hield.
droom 8: Deze laatste
droom neemt wel een bijzondere plaats in. Het is al een tijdje geleden, toen
Malika nog zonder werk was, en zij voor haar kleine kindje moest zorgen. Zij
droomde toen van een lange tunnel, met intens wit licht, dat steeds dichterbij
kwam. Ineens veranderde dat licht in een man met een lange witte baard, en met
witte kleren aan. Die man was Jezus! Jezus stond in een oude kamer, zoals je
ze vroeger nog had, met overal steen op de vloer, aan de muren en zelfs de tafel
was van steen. Jezus had een soort van witte aura rondom hem.
Hij sprak haar aan, en zei: 'binnenkort zal je werk
vinden, en zal het goed met je gaan.'
'Als je mij volgt, en in mij gelooft, dan zal alles in
orde komen,...'