Zoon van god

    Wij zijn zoon van God.

    En dat heeft nogal wat gevolgen.

    Beseft u wel goed wat dat betekent?

    De volledige kracht van God zit in ons, en wij weten het niet!

     

    Ik vergelijk de situatie waar wij mensen ons heden ten dage in bevinden graag met die van een haasje dat vrij en vrolijk in het veld rondhuppelt. ’s Morgens wordt het haasje wakker, en begint heel vrolijk aan zijn nieuwe dag. De ochtendzon staat laag, en de ganse natuur is nog van de slaap en de rust van de voorbije nacht aan het nagenieten. Het haasje gaat vrolijk op pad, huppelend, dansend en flink rennend om zijn ledematen eens goed uit te strekken. Het gevoel van vrijheid is enorm. Het haasje kent een prachtige tijd, en de natuur schenkt hem alles wat zijn hartje begeert.
    Maar dan opeens begint om een of andere reden het haasje aan waanideeën te lijden. Het gaat zich beperken, en denkt van zichzelf dat het een schildpad is, een klein diertje dat laag bij de grond verder kruipt, heel langzaam voortbeweegt, en bij het minste wat het hoort of ziet, zich terugtrekt in zijn schulp.

    Het haasje is bang nu, en voelt zich door de natuur misdeeld. Het heeft immers nog steeds het voedsel van een haas nodig, maar omdat hij voortkruipt als een schildpad, is hij niet meer bij machte om dat voedsel heel snel te vinden. Daardoor wordt hij angstig en bang. Hij ziet het leven niet meer zitten, want alles is donker en somber voor zijn ogen. Hij komt immers niet meer boven het hoge gras uit om de weidse oppervlakte en de grasvlakte om hem heen te kunnen overschouwen. In plaats van te huppelen kruipt hij nu heel langzaam over het aardoppervlak. Het enige wat hij ziet zijn de paar vierkante decimeter die voor hem liggen,  want verder dan dit laat de identiteit van schildpad die hij voor zichzelf uitgekozen heeft, niet toe om te overschouwen. Zijn wereld wordt wel heel beperkt nu. Het haasje wordt ziek, want het raakt helemaal gedeprimeerd door zoveel beperkingen. Het ziet zijn bestaan als troosteloos en zonder uitweg. 
    Maar diep vanbinnen sluimert nog steeds de herinnering aan zijn oude identiteit. Hij weet het nog wel, dat hij eens vrij en vrolijk rondhuppelde over de heide. Maar hij heeft het weggestopt, ver weg in zijn geheugen. Zo ver weg, dat het alleen maar als een smeulend verlangen zo nu en dan eens de kop opsteekt. Zijn oude vertrouwde toestand van vrijheid! 
    En hij zou zo graag nog eens de andere kant van de heide zien, daar waar de beek stroomt, en alle andere dieren iedere morgen hun dorst komen laven. 
    En dit allemaal ten gevolge van een waanidee dat het haasje voor zichzelf als waarheid uitgekozen heeft!

    Beseft u de gelijkenis tussen onze situatie en dat van het haasje, beste mensen? Ook wij zijn in vrijheid en heerlijkheid geschapen, en omwille van een waanidee zijn we onze vrijheid gaan inruilen voor de trage en beperkte bewegingsvrijheid van de schildpad. De geest was vrij, maar woont nu in een traag en loom lichaam dat hij moet verder slepen, iedere dag opnieuw. Er zit veel meer in ons dan wij vermoeden! En de identiteit van mens, die iedere dag weer een lichaam met zich meesleept dat hem vertelt wanneer hij moe is, of dat hem zegt wanneer hij ziek is, en hem laat weten wanneer hij van ouderdom dan maar alles moet opgeven, is op zijn zachtst uitgedrukt een erbarmelijke leefomgeving voor iemand die altijd vrijheid, onbeperktheid en kracht gewoon is geweest. Kent u nu niet meteen ook de allerdiepste reden van iedere ziekte en elke depressie die we voor onszelf keer op keer maken in het dagelijkse leven? 
    Het bewustzijn kan hier niet mee overweg. 
    Het weet heel goed wat vrijheid is, want het heeft het ooit gekend. 
    En daarom wordt het nu keer op keer ziek, en sterft telkens weer, want het lichaam waar het al zijn heil in zoekt, heeft hem nog nooit een vergelijkbare vrijheid kunnen tonen als deze die hij vroeger kende. Het bewustzijn ziet zichzelf als machteloos, omdat het keer op keer een weg zoekt daar waar er eigenlijk geen weg is.

    Want wanneer God oppermachtig is, dan heeft hij die macht met ons gedeeld, omdat zijn gezag op liefde berust. Liefde heeft als eigenschap dat ze samenbrengt, en dat ze alles deelt. Daarom hebben wij dan ook dezelfde macht als God, omdat hij ze met ons gedeeld heeft. Op voorwaarde dat ze ook in liefde gebruikt wordt natuurlijk. 
    ‘Mijn juk is licht’ zegt Jezus. En hij bedoelt ermee dat er inderdaad een kleine voorwaarde is om de hemel terug voor je op te eisen. Gewoon stoppen met oordelen is voldoende, want een oordeel verdeelt het bestaan in vele afzonderlijke delen, en doet onmiddellijk de eenheid teniet. Is die kleine voorwaarde dan zo moeilijk om eraan te voldoen? Is dat dan zoveel gevraagd? Is dit lichte juk te lastig om dragen in ruil voor het bewustzijn van eeuwige vreugde?
    Door je weer aan te sluiten bij de gedachte van eenheid in het universum, wordt jij je gaandeweg ook meer en meer bewust van de kracht die deze eenheid teweegbrengt. 
    Het is een kracht die voor je zorgt. 
    Het is een kracht die je alles geeft wat je nodig hebt. 
    Het is een kracht waarop je kan vertrouwen en waar je kan in berusten. 
    Deze kracht geeft je zekerheid. 
    Je hoeft nooit meer bang te zijn dat je iets zal overkomen of dat je een tekort zal hebben.
    Maar hoe moeten we in hemelsnaam die kracht vinden?

    We hebben het al herhaalde keren gezegd, en zeggen het nu opnieuw. Die kracht wordt de jouwe, wanneer je stopt met oordelen, en wanneer je iedereen weer als een deel van jezelf beschouwt. En al lijkt dit compleet onlogisch, dat je alleen maar door dit te doen van zo een kracht gebruik kan maken, toch is het zo. De meest mensen denken dat er veel meer nodig is dan dit, dat ze vele andere dingen moeten doen om in de gunst te staan bij God. Maar dat is niet zo. Het is het ego dat zegt dat je meer moet doen. Het is het ego dat niet kan geloven dat je zo weinig moet doen, (je moet immers gewoon stoppen met iets te doen, en dus moet je niet echt iets doen) om zoveel geluk terug te krijgen. Je moet gewoon de identiteit van schildpad opgeven, en op die manier kiezen om automatisch weer het haasje te zijn! 
    Maar wanneer je het werkelijk probeert, wanneer je een akkoord maakt met God, en zegt dat je de weg wilt aanvatten, dan zal je algauw merken dat het niet zo simpel is om dit onmiddellijk toe te passen. Er komt heel wat overredingswerk aan te pas om jezelf telkens weer een stapje verder te krijgen. En het gaat heel langzaam, want het ego geeft zich maar met mondjesmaat gewonnen. 
    Gewoon niet meer oordelen, en anders hoef je niets te doen. Je mag zelfs niet eens méér doen dan dit. 

    Maar ook al lijkt dit op het eerste zicht ridicuul, wanneer je er eenmaal mee begint, dan zal je algauw merken dat alleen maar door dit toe te passen, en door het écht willen toe te passen, je hele bestaan op de helling wordt gezet. Want je huidige leefwijze is er alléén maar op gebouwd om te oordelen en te veroordelen. En wanneer je dat niet meer doet, dan komt de gehele redenering die de wereld maakt over wat het leven op deze aardbol te betekenen heeft, op de helling te staan. Al je ideeën, maar dan ook letterlijk allemáál, moeten nu opnieuw worden herbekeken, en opnieuw geformuleerd. Al de angsten die je hebt omtrent lichaam en welzijn, omtrent veiligheid en zekerheid, omtrent werk en relaties, kunnen niet worden behouden wanneer je eenmaal beslist hebt om niet meer te oordelen. Het zijn immers net die dingen die jou steeds weer doen oordelen, omdat ze vanwege de angst die ze meebrengen, ervoor zorgen dat jij je moet verdedigen en dus afscheiden van de rest. 
    Door niet meer te oordelen wordt je ganse bestaan op zijn kop gezet. 
    Geloof mij maar.
    Vergeet niet dat het lichaam niet je echte identiteit is. Al de gedachten die bij het lichaam horen moeten dan ook achtergelaten worden. Denk je dat dit zomaar gaat? Daar komt heel wat wilskracht bij kijken om dit tot een goed einde te brengen.

    Je geest, je bewustzijn, dat is je echte identiteit. En die kan niet worden vermoord of kan niet gekwetst raken door om het even welke gebeurtenis. Het enige wat er met een bewustzijn dat ook een vrije wil heeft meegekregen, kan gebeuren, is dat het bewustzijn zich voor de waarheid afsluit, en zijn eigen waarheid gaat maken los van de anderen. Het bewustzijn kan zichzelf om de tuin leiden, door een andere identiteit te kiezen, maar het kan daarmee de waarheid niet veranderen. Het bedriegt daarmee alleen zichzelf.
    En dat is wat de onwetende doet, net zoals wij dat allemaal doen, en al zolang gedaan hebben tijdens onze vele verblijven hier op aarde. Alles wat buiten de waarheid valt, is echter steeds onder dezelfde noemer samen te vatten. Het is namelijk GEEN waarheid. En of je nu moordenaar bent, of je bent een vroom denkend man, het maakt niets uit, want je gelooft nog steeds dat de materiële wereld je enige troost kan schenken, en je verheerlijkt nog steeds het lichaam als zijnde de tempel van God.

    De meeste mensen slagen er gedurende hun leven wel in om de gebeurtenissen die ver van hun bed plaatsvinden niet meer te beoordelen. Al zijn er ook die daar helemaal geen blijf mee weten, en die zelfs dat niet kunnen loslaten. Voor sommige is het makkelijk om een daad die aan anderen werd aangedaan te vergeven, maar voor anderen is en blijft het een onbegrijpelijke zonde. Angst dat het ook aan jou kan overkomen heeft hier natuurlijk veel mee te maken.
    Ikzelf heb over het algemeen niet zoveel moeite gehad om personen zoals dictators of moordenaars, ergens ver weg in de wereld te vergeven. Ik heb er immers niet zelf rechtstreeks mee te maken, en ik begrijp hun beweegreden die op angst voor het leven is gebaseerd. Ik vereenzelvig me er ook niet mee. Maar wanneer de feiten zich afspelen in je onmiddellijke omgeving, wanneer je vergeving moet toepassen op de feiten van jouw eigen alledaagse leven, dan wordt het heel wat moeilijker. Dan begint het ego pas echt op zijn strepen te staan.

    Neem bijvoorbeeld maar eens de volgende situatie op je werk. Wanneer je echt je best hebt gedaan, en het is niet goed genoeg geweest volgens je baas of de klant, hoe kalm kan je dan nog blijven? Of wanneer iemand leugens gaat verspreiden om zijn eigen hachje te redden! Kan je het ook dan nog aan om de ander niet te oordelen? 
    Want wanneer dergelijke situaties zich voordoen, dan is het ego verongelijkt. Het zoekt onmiddellijk bondgenoten bij andere mensen of bij de werkmakkers om hem heen, om te gaan vertellen hoe oneerlijk de ander wel is geweest. Maar durf je het aan om in die omstandigheden in vertrouwen, en zonder de ander te oordelen dwars door de situatie heen te gaan? Misschien staat op dat moment je ganse loopbaan op het spel, of moet je wel een deel van je loon derven omdat anderen dingen over jou hebben gezegd die helemaal niet waar zijn. 
    Durf je door zulke situaties samen met God doorheen te gaan?
    Het is echt niet zo makkelijk om dit alles toe te passen, vooral wanneer het rechtstreeks op jezelf van toepassing is. De angst om los te laten, om zelf de touwtjes uit handen te geven slaat op dat moment ongenadig toe. Maar wij kennen de agenda van God niet, en weten niet waar hij met ons naartoe wil. Misschien heeft hij voor ons al een veel betere baan klaarstaan wanneer we ontslagen worden, of misschien krijg je het verlies aan loon wel op een andere manier gecompenseerd. Vertrouwen is echt wel van groot belang. En als je echt vertrouwt, en je gaat er toch doorheen, dan heb je zekerheid gemanifesteerd in je leven. Niemand zou dit immers doen, als hij niet zeker was dat God hem vergezelt. Niemand zou dit aandurven als hij dacht alleen te staan in dit leven, en zijn eigen boontjes te moeten doppen. En zo wordt een dergelijke situatie een krachtige uiting van je geloof in de eenheid van het universum. En datgene waar je in gelooft, dat zal je in je verdere dagelijks leven ook mogen ervaren.

    De dingen zullen nu anders gaan verlopen voor jou. Wanneer jij blijk geeft van vertrouwen, en de situaties oordeelloos kunt volgen die jou worden aangeboden. Dan heb je gekozen om in de stroom van het leven mee te draaien. Dan heb je gekozen om te leven zonder zorgen, omdat je weet dat je niet meer hoeft na te denken over morgen, want dat doet God wel voor jou. Het leven is immers één geheel, en geen enkele situatie staat los van een andere. En waar je het ene loslaat, daar komt het andere in de plaats. Je houvast wordt alleen maar afgenomen, op het ogenblik dat er een ander voor je klaarligt. Het is dan ook de bedoeling dat iedereen zijn eigen waanideeën loslaat (ook diegene betreffende je werk, en hoe goed dat werk dan wel moet zijn), zodat ze voor de medemens, geen obstakel meer vormen. Daarom moet je telkens weer zoveel vertrouwen hebben, en kan je niet oordelen over de situatie.

    Meestal is het zo dat we onmiddellijk een oordeel klaar hebben hoe de situatie zou moeten opgelost worden. Maar let erop, want net dat is uw oordeel! Het mag dan ook niets uitmaken voor jou hoe de situatie uiteindelijk wordt uitgeklaard, want alleen zo kan je vrede in jezelf bewaren en kan je zonder oordeel de wereld tegemoet treden. Je kan onmogelijk zonder oordeel zijn, als je al een idee hebt hoe het moet opgelost worden! Je idee is je oordeel! En je idee heeft altijd te maken met jouw angst voor het behoud van de zekerheid die je voor het lichaam aan het opbouwen was. Je bent met andere woorden op dat moment je angstgedachten in de situatie aan het brengen. En overeenkomstig de keuze die je maakt, zal het probleem met angst of met liefde voor jou opgelost worden.

    De vele situaties aandurven zonder oordeel is een krachtige manier om je bij de stroom van het universum aan te sluiten. De richting die jij aan je leven wilt geven wordt nu moeiteloos gemanifesteerd, en de kansen komen gewoon op je af. Ze zoeken jou als het ware zelf, in plaats van dat jij hen moet zoeken.

     

    Je moet je dit alles zó eens voorstellen: de H. Geest heeft gans deze wereld onder controle. Op ieder moment heeft hij een volmaakt plan klaar, dat aan iedereen op deze planeet alles kan geven wat hij nodig heeft. Indien iedereen dus samen met de H. Geest zou denken, dan zou iedereen terstond alle geluk opnieuw als het zijne kunnen beschouwen. Maar er is ook de gedachtekracht en de vrije wil van ieder van ons. En die gedachtekracht van al die miljarden mensen zegt, wanneer de H. Geest hen zijn plan voorlegt: ‘neen, ik wil het zo niet! Voor mij moet het anders zijn.’ En dus wordt iedere keer wanneer een ego zijn zin doordrijft, het perfecte plan van de H. Geest in de war gestuurd, en moet Hij opnieuw zijn plan bijsturen om ieder zijn zin te kunnen geven. 
    De perfectie is er dus al, en staat gewoon klaar om ons gegeven te worden, maar wij verzetten ons ertegen met ons kleine, beperkte bewustzijn, waardoor het plan steeds opnieuw niet geopenbaard kan worden. Stoppen met oordelen over hoe een situatie moet zijn, is dus het enige wat er ons te doen staat.

    Maar wees gerust, het zal allemaal niet van de eerste keer zo’n vaart lopen. Je zal heel wat situaties nodig hebben vooraleer je er uiteindelijk in slaagt om dit op een heel diep niveau waar te maken. Het universum is echter heel geduldig. Het biedt jou steeds weer een nieuwe kans aan, keer op keer. En dan nog een, en vervolgens nog een, …
    Tot je het volledig onder de knie hebt, en het voor jou een gewone manier van leven is geworden. En dan gaat het ineens vanzelf. Je hoeft er geen moeite meer voor te doen, gewoon omdat het je eigenheid geworden is. Jij bént nu wat je doet. Het gaat gewoon vanzelf, en je hoeft er niet eens meer over te piekeren wat je allemaal doen moet. Het is je natuur geworden, net zoals een automobilist die niet meer hoeft na te denken op welke pedaal hij moet drukken om gas te geven of af te remmen. Het is een natuurlijk automatisme geworden.

    En zo komt het dat Jezus drie vissen en een brood kon uitdelen aan duizenden mensen. Zo komt het dat hij water in wijn kon veranderen, of dat hij zieken weer kon genezen. Het ging gewoon vanzelf voor hem, omdat hij in de stroom van het echte leven meeging. Hij wist dat hij zoon van God was, en volgde blindelings wat hem werd voorgelegd. Hij had al zijn eigen onvolkomenheden en beperkte gedachten overwonnen, en geloofde niet meer in tekort en ziekte of dood. En dus werd het leven een lopende band van geschenken voor hem. Niets wat hij wenste, en hij wenste nooit iets voor zichzelf omdat hij er zeker van was dat hij nooit iets te kort kon hebben, werd hem onthouden. Hij was volledig doordrongen van het feit dat hij zoon van God was, en had zich aangesloten bij de bron van het leven. Hij had zijn eigen identiteit, die hem door God gegeven was, weer gemanifesteerd. Maar ofschoon hij op aarde was, in een oord van tekort en angst, kon de kracht van God ook hier zijn werk doen, en aldus aantonen dat God werkelijk overal oppermachtig is.

    Dit alles komt alleen maar tot stand wanneer wij durven te volgen, en wanneer wij het oordeel laten voor wat het is. Oordelen is niet onze natuur. Oordelen verdeelt de wereld in vele kleine stukken, en schept nooit eenheid. Stoppen met oordelen is dus genoeg om God terug te vinden en onszelf te begeven in een moeiteloos bestaan, waar we zelf niet meer hoeven over te piekeren. En dan worden wonderen jouw deel, want zonder wonderen is dit alles niet mogelijk.



 

Foto's

photo photo photo photo